Ga naar de inhoud

Genesis 8

Genesis 8 – De ark van Noach

God was Noach en zijn ark niet vergeten. De sluizen werden gesloten en de wind aangezet. Het water begon langzaamaan te zakken.

Ik heb gepoogd wijs te worden uit de verschillende fragmenten die aangeven hoeveel tijd hiermee gemoeid was, maar ik raak telkens de tel kwijt. Het is volgens mij ook niet helemaal consequent. Hoe dan ook, het water zakt en de ark loopt vast op het Araratgebergte. Dat zou volgens de huidige landsgrenzen geografisch in Turkije liggen, dicht bij de grens met Armenië.

Noach onderneemt verschillende pogingen vanuit deze hangplek om uit te vinden hoever het water inmiddels gedaald was. Hij zond hiervoor eerst een raaf (tevergeefs), een duif (tevergeefs) en vervolgens opnieuw een duif (succesvol, want ze kwam terug met een olijfblad) de wijde wereld in.

Na nog enkele dagen wachten liet hij opnieuw de duif los. Ze kwam niet meer terug. Teken voor Noach dat de kust veilig was. Hij opende het dak en God vertelde hem dat ze de ark mochten verlaten. Als dank bracht Noach enkele brandoffers die God gunstig stemden. 

Of God spijt had van zijn daad is niet duidelijk, wel zei hij tot zichzelf dat hij nooit weer de aarde zou vervloeken wegens de mens, want alles wat de mens uitdenkt is nu eenmaal slecht. En nooit weer zou hij alles wat leeft doden.

De Ark van Noach op het Araratgebergte (1570?), Simon de Myle

Omdat ik tijdens de studie Algemene cultuurwetenschappen regelmatig merk dat enige bijbelkennis wel handig is, ben ik maar weer eens met dit ‘boek der boeken’ begonnen.

Alle blogposts over de bijbel zijn hier te vinden.